logo Sport en Verkeer

De verkeersgids voor de sporter en sportclub

De fietser moet…

Als fietser moet je:

  • met de handen aan het stuur fietsen.
  • met de voeten op de pedalen fietsen.
  • je niet laten voorttrekken.
  • niet met een dier aan de leiband fietsen.
  • voorzichtig een oversteekplaats voor fietsers oprijden met oog voor het ander wegverkeer.
  • de weg op met een wettelijke fiets. Zorg dus voor functionerende remmen en een goede fietsbel. Bestaat de kans dat je bij mistig weer of in het donker moet fietsen, zorg dan minstens voor lichten (wit vooraan en rood achteraan).
  • wettelijk ook voor reflectoren aan de fiets zorgen: wit vooraan en rood achteraan, oranje reflectoren in de pedalen en een witte reflecterende strook over de lengte van de banden achter- en vooraan OF gele reflectoren (minstens twee) in de wielen achter- en vooraan.

Uitzondering

Racefietsen en mountainbikes moeten geen reflectoren hebben als de zichtbaarheid groter is dan 200 meter. (Let op: Heeft je koersfiets of mountainbike een spatbord, dan zijn reflectoren wel weer verplicht.) Deze uitzondering geldt bovendien niet voor kinderfietsen (met een wieldiameter tot 50 cm).

Bron: flickr

top

Waar in groep fietsen?

​Eén tot 15 fietsers

  • Een verplicht fietspad herken je aan het verkeersbord of een onderbroken witte lijn als wegmarkering.  
verplicht fietspad
  • Op een fietspad mag je met zoveel personen naast elkaar fietsen als de breedte toelaat.  Let op: andere weggebruikers mogen daarbij niet gehinderd worden.
  • Op de rijbaan mogen fietsers mogen nooit met meer dan twee naast elkaar rijden. Kruisend verkeer moet daarbij steeds vlot door kunnen. Buiten de bebouwde kom moeten fietsers bovendien achter elkaar gaan rijden als achter komend verkeer nadert.

LET OP: Fietsen mag ook niet naast elkaar op delen van de openbare weg die voorbehouden zijn voor bus, tram en/of taxi.

Meer dan 15 fietsers

  • Het fietspad nemen is aan te raden maar niet verplicht.
  • Fietsen mag maximum met twee naast elkaar rechts op de rijbaan. Let op: niet meer dan de helft van de rijbaan innemen. Gemotoriseerd verkeer moet kunnen inhalen en kruisen).
  • Als er geen fietspad is, mag fietsen ook op parkeerzones of een gelijkgrondse berm mét voorrang voor de weggebruikers die er zich bevinden.

top

Begeleiding verplicht?

​Tot 50 fietsers    

Begeleiding is niet verplicht. Kies je daar wel voor dan moet je minstens voor twee wegkapiteins zorgen. (zie verder)

vanaf 51 tot 150 fietsers

  • De groep moet verplicht begeleid worden door ten minste twee wegkapiteins en twee begeleidende auto’s.
  • Eén wegkapitein moet in het bezit zijn van een deelnemerslijst. Een wegkapitein moet ten minste 21 jaar zijn en om de linkerarm een band dragen met de nationale driekleur en het woord ‘wegkapitein’. Aan kruispunten zonder verkeerslichten kan de wegkapitein het verkeer stilleggen met een verkeersbordje en aanwijzingen geven terwijl de groep oversteekt.
C3-bordje voor de begeleider
C3-bordje voor de begeleider
 
  • De begeleidende auto’s rijden op ongeveer 30 meter voor en/of achter de groep fietsers. Als er slechts één begeleidende auto is (minder dan 50 fietsers), dan moet die de groep volgen. Een begeleidende auto  moet het bord A51 met het symbool van een fiets in het wit op het dak zetten, goed zichtbaar voor het tegemoetkomend of volgend verkeer (de drie benen van de driehoek zijn minstens 70 cm lang en de afgebeelde fiets is minimum 50 cm breed – zelf aan te maken of te bestellen bij een leverancier van sportbelettering).

bord begeleidende wagen
bord begeleidende wagen
 

Meer dan 150 fietsers

Een groep van meer dan 150 fietsers mag niet zo de weg op. Het is dus verplicht om te gaan opsplitsen naar groepen van maximaal 150 fietsers en per groep te voldoen aan de wettelijke verplichtingen zoals hierboven omschreven.


top

Oversteken…

  • ​Gebruik altijd een oversteekplaats als die er is (verplicht te gebruiken als die zich op minder dan 30 meter bevindt).
  • Een oversteekplaats (witte markeringen op de weg) voor fietsers geeft geen voorrang. Oversteken mag pas als de weg vrij is.
  • Een fietser die aan het oversteken is heeft wel voorrang. Een aankomend voertuig moet wachten tot de fietser de overkant heeft bereikt.
  • Een afstappende fietser heeft voorrang bij het te voet oversteken op een zebrapad. Bij fietsen op een zebrapad geldt die voorrang niet.
  • Let op: trams hebben voorrang, behalve als er verkeerslichten zijn.
  • Let op: een fietser moet voorrang geven aan een voetganger die oversteekt op het zebrapad.

verkeersbord zebrapad
verkeersbord zebrapad


top

Donker of bij mist…

​Elke fiets heeft tussen valavond en zonsopgang of bij dichte mist verplicht een wit licht vooraan en een rood licht achteraan.

TIP: De Fietsersbond geeft je enkele praktische info en tips mee over het gebruik van fietsverlichting.


top

Voorzichtig rijgedrag van koning auto!

​Het auto- of motorverkeer mag de fietser niet in gevaar brengen en moet zelfs dubbel voorzichtig zijn voor fietsende kinderen of ouderen. De bestuurder moet bij het inhalen zorgen voor minstens een meter zijdelingse afstand. Een autobestuurder mag een fietser die zich al op een voorziene oversteekplaats bevindt niet in gevaar brengen of hinderen bij het oversteken.

@Thinkstock
Bron: Thinkstock

top